37.024

Wet fiscale stimulering start-ups en scale-ups



Dit wetsvoorstel wijzigt onder andere de Wet inkomstenbelasting 2001 en de Wet op de loonbelasting 1964 en maakt deel uit van het Pakket Belastingplan 2027.

Het doel van het voorstel is start-ups en scale-ups meer ruimte te geven om door te groeien door het voor werknemers fiscaal aantrekkelijker te maken via aandelenoptierechten in de onderneming te participeren. Daartoe wordt het heffingsmoment voor aandelenoptierechten verplaatst. Werknemers worden daardoor in beginsel pas belast op het moment dat zij beschikken over voldoende liquiditeiten uit de verkregen aandelen, waardoor belastingheffing zonder beschikbare middelen zoveel mogelijk wordt voorkomen. Daarnaast wordt voorgesteld 65% van het voordeel uit kwalificerende aandelenoptierechten in de belastingheffing te betrekken. Deze maatregelen moeten start-ups en scale-ups beter in staat stellen talentvolle werknemers aan te trekken en te behouden.

Aanleiding voor het voorstel is de constatering dat Nederlandse start-ups en scale-ups minder vaak doorgroeien tot grote ondernemingen dan vergelijkbare bedrijven in onder meer het Verenigd Koninkrijk, Zweden en Frankrijk. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) toetst of een onderneming als start-up of scale-up kwalificeert. Deze toets vindt plaats aan de hand van wettelijke criteria voor innovatie en schaalbaarheid. De regeling staat open voor innovatieve ondernemingen met een schaalbaar en herhaalbaar bedrijfsmodel, waarbij omzetgroei mogelijk is zonder een evenredige toename van personeel, middelen of kosten. De door de RVO afgegeven beschikking is acht jaar geldig en kan op aanvraag maximaal driemaal met vijf jaar worden verlengd.

Dekking voor het voorstel wordt gevonden in een gefaseerde afschaffing van de meewerkaftrek en de stakingsaftrek in de inkomstenbelasting. Deze aftrekposten worden eerst versoberd en vervolgens, na een overgangsperiode van drie jaar, volledig afgeschaft.

Deze samenvatting is gebaseerd op het wetsvoorstel en de memorie van toelichting zoals ingediend bij de Tweede Kamer.


Stand van zaken

Schriftelijke voorbereiding
Eerste Kamer
Plenair
 
Afkondiging
Staatsblad(en)

Het voorstel is in behandeling bij de Tweede Kamer.


Kerngegevens

ingediend

15 september 2026

titel

Wijziging van de Wet inkomstenbelasting 2001, de Wet op de loonbelasting 1964 en enige andere wetten inzake de belastingheffing met betrekking tot aandelenoptierechten van werknemers en de daaruit verkregen aandelen van start-ups en scale-ups en inzake de afschaffing van de stakingsaftrek en de meewerkaftrek (Wet fiscale stimulering start-ups en scale-ups)

schriftelijke voorbereiding

ondertekening

inwerkingtreding

  • 1. 
    Op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen en onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld, waarbij kan worden bepaald dat een of meer artikelen of onderdelen daarvan terugwerken tot en met een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.
  • 2. 
    In afwijking van het eerste lid treden de artikelen II, V en VI in werking aan het begin van het derde kalenderjaar na het kalenderjaar aan het begin waarvan artikel I, onderdelen B en C, in werking is getreden.

Documenten